Actueel

Snel internet in het buitengebied: feit of fictie?

Snel internet in het buitengebied: feit of fictie?

Daar waar in de media en politiek veel reuring is over het aansluiten van het buitengebied op snel internet, zie je dat de markt sinds 2015 die handschoen eigenlijk gewoon heeft opgepakt. TiM heeft zich vanaf het begin in 2013 actief ingezet om met haar klant Cogas/CIF tot een Business Case te komen voor het buitengebied. Een zeer uitdagende taak waarbij in de keten van onderaannemer tot financier en van rijksoverheid tot bewonersinitiatief, iedere steen is omgedraaid.

Een aantal uitdagingen op een rij:

  • Langere afstanden: gemiddeld 10 keer langer dan normaal
  • Bomen: 10-30% van de afstanden gaan door smalle bermen met bomen erin
  • Stakeholders: bijvoorbeeld provincies en waterschappen maar ook landgoedeigenaren, Staatsbosbeheer of Natuurmonumenten worden belangrijke stakeholders

Bovenstaande zaken hebben met name impact op de kostenkant. Een aansluiting in het buitengebied is circa vier maal duurder dan in de kern terwijl de opbrengsten beperkt te verhogen zijn. Hierbij praat je niet over standaard aanleg maar over optimalisaties in de keten, zoals:

  • Andere aanlegdiepte zodat er een vrije ruimte ontstaat om productie te maken
  • Andere aanlegtechnieken zoals snijden en frezen om de productie te verhogen
  • Afspraken met overheden over diepte, bomen, toezicht en vergoedingen
  • Andere materialen om de handelingen aan de geul te beperken of aan te sluiten bij het beperkt aantal woningen per km2.

Als we kijken naar de mogelijkheid die de overheid biedt tot financiering, dan stelt zij dermate voorwaarden aan het ontwerp van het netwerk c.q. schuift zij risico’s af naar de marktpartij, dat het op dit moment niet interessant is om middels staatssteun de financiering te doen. Met name de EU is daarin beperkend.

Uiteindelijk is een model ontwikkeld wat via Glasvezelbuitenaf het licht heeft gezien en nu in een vergaande implementatie Nederland verglaast. In de provincie Overijssel zijn inmiddels 30.000 aansluitingen gerealiseerd en de overige 10.000 worden gebouwd. In de provincies Gelderland en Brabant zijn verschillende vraagbundelingen geweest en ook al tienduizenden aansluitingen gerealiseerd. Overige provincies komen nu aan de beurt waarbij als een olievlek met een regionale aanpak de vraagbundelingen en realisaties tot stand komen.

Concurrentie

Mede door het succes van Glasvezel Buitenaf (van de 25 vraagbundelingen zijn er ook 25 geslaagd), zie je dat andere partijen zich gaan roeren en er een vorm van concurrentie ontstaat. Een prima ontwikkeling voor de markt maar de vraag is of de bewoner ermee geholpen is. Om de businesscase succesvol te krijgen is een minimale inschrijving van 50% nodig zodat zicht is op een positieve business case die eigenlijk pas ontstaat bij ca 70% inschrijvingen. In een non competitieve situatie was de beste vraagbundeling 72,6% maar in de regel kom je uit op 55%. Als er dan twee partijen gaan vraagbundelen wordt de kans op succes aanmerkelijk kleiner met als potentieel risico dat geen van de partijen een succesvolle business case kan maken en niemand gaat aanleggen.

Omdat Telecom een vrije markt is, kan en mag de overheid hierin geen partij trekken en zal de markt dit moeten oplossen met een potentiele vertraging van de verglazing van het buitengebied tot gevolg.

Vanuit TiM voeren we het portfoliomanagement over de verschillende projecten van Glasvezel Buitenaf waarbij gewerkt wordt in meer dan tien bouwstromen die ieder een productie leveren van 800 km netwerk per jaar ofwel circa 6.500 aansluitingen per jaar. Een immens programma waarbij heel veel capaciteit van de aannemerij wordt ingezet; zodanig dat er schaarste is ontstaan. Het managen van de schaarste in combinatie met de verhoogde concurrentie zal de komende periode tot een uitdagende situatie leiden.

Terug naar Actueel